Een retro televisiestudio met een presentator achter een bureau, symbool voor de nostalgische wereld van de Vlaamse televisie

Vlaamse tv-presentatoren die je kent van vroeger: waar zijn ze nu?

Je zoekt iemand op omdat je net een oud fragment zag en je je afvraagt wat er eigenlijk van geworden is. Die presentator die elke vrijdagavond je huiskamer binnenkwam, of die nieuwsanker die je gezicht zo vertrouwd was dat je zijn naam nauwelijks nog hoefde te kennen. En dan merk je dat je nergens een fatsoenlijk antwoord vindt.

Bekende Vlaamse tv-presentatoren hadden soms tientallen jaren lang een vaste plek in ons dagelijkse leven. Ze begroetten ons na het werk, leidden ons door spelletjes op vrijdagavond, of vertelden ons wat er in de wereld aan de hand was. En dan waren ze er gewoon niet meer, zonder grote afscheidsuitzending, gewoon verdwenen tussen twee seizoenen in. Dit artikel zoekt uit waar een aantal van hen belandde.

Ze waren er altijd, totdat ze er niet meer waren

Televisie creëert een eigenaardig soort vertrouwdheid. Je kijkt niet bewust naar een presentator, maar hij of zij sijpelt toch langzaam je leven in. Na een paar jaar voelt het alsof je die persoon kent, alsof ze bij je thuis horen. En dat gevoel is des te sterker voor wie opgroeide met de Vlaamse publieke omroep of de vroege commerciële zenders. Namen als Goedele Liekens, Luc Appermont, Karen Damen of Martine Jonckheere roepen bij veel dertigers en veertigers meteen een gevoel op, ook al kijk je al jaren niet meer naar dezelfde programma’s.

Wat opvalt: de verdwijning verloopt zelden dramatisch. Er is zelden een groot afscheid, geen speciale uitzending, geen toespraak. Het ene seizoen zijn ze er, het andere seizoen niet. En je merkt het pas als je er later aan terugdenkt.

De stilste verdwijningen

Sommige presentatoren vallen gewoon weg als een programma stopt. Anderen worden stilletjes vervangen door een jonger gezicht, zonder dat er ooit iets gezegd wordt. Dat is niet per se wreed, het is gewoon hoe televisie werkt. Formats evolueren, doelgroepen verschuiven, en de zenders gokken op nieuwe energie.

Toch voelt het achteraf soms vreemd. Iemand die jarenlang je donderdagavond bepaalde, verdwijnt en je leest er niets over. Geen interview, geen persbericht. Pas als je actief gaat zoeken, kom je erachter wat er nu van hen geworden is.

Zes gezichten, toen en nu

Een kleine rondvraag door het collectieve geheugen van de Vlaamse televisiekijker levert al snel een handvol namen op die iedereen herkent.

Goedele Liekens was jarenlang een van de meest herkenbare gezichten op de Vlaamse buis, van haar werk als seksuologe op televisie tot haar presentatierol in uiteenlopende formats. Ze stapte de politiek in, maar keerde ook terug voor tv-projecten en blijft actief als spreker en auteur. Ze is een van de weinigen die de overgang naar een nieuw leven maakte zonder haar publiek te verliezen.

Luc Appermont was decennialang onlosmakelijk verbonden met muziek op de Vlaamse televisie. Zijn naam staat voor een bepaald soort warme, klassieke presentatiestijl die je tegenwoordig nog amper tegenkomt. Hij trok zich grotendeels terug uit de schijnwerpers maar blijft actief in de muziekwereld als producer en organisator, ver van de grote camera’s.

Tine Reymer was jarenlang een vertrouwd gezicht op VTM, maar verdween na haar actieve carrière als presentatrice grotendeels uit het mediapanorama. Ze duikt af en toe op in regionale contexten of voor eenmalige projecten, maar de dagelijkse buis-aanwezigheid is al lang verleden tijd.

Martine Jonckheerebekend van haar werk bij de openbare omroep, ruilde de studio voor een leven ver van de Vlaamse mediabubble. Ze is een van die namen die een generatie vormde maar tegenwoordig door twintigers amper herkend wordt.

Jan Hautekiet blijft actief via radio en occasionele podcastprojecten. Hij paste zijn mediastijl aan de nieuwe realiteit aan en bereikt via audio nog steeds een trouw publiek, al is de breedte van zijn bereik niet meer dezelfde als in zijn hoogtijdagen op televisie.

Karen Damen is misschien het beste voorbeeld van een geslaagde transitie. Na haar carrière als zangeres bij K3 en haar verschijningen als presentatrice bouwde ze een nieuw verhaal uit als ondernemer en coach. Ze duikt actief op via sociale media en heeft een publiek dat deels uit nieuwe volgers bestaat die haar nooit op de klassieke televisie gezien hebben.

Coaching, ondernemen en de podcastwereld

Wat opvalt als je een beetje rondkijkt: een opvallend groot deel van de oud-presentatoren belandde in de wereld van coaching of persoonlijke ontwikkeling. Dat is geen toeval. Wie jarenlang voor de camera stond, leert omgaan met publiek, met onzekerheid en met het vertellen van verhalen. Die vaardigheden zijn goud waard in de coachingwereld.

Anderen richtten kleine bedrijven op, soms ver van de mediawereld, soms er net naast. Een communicatiebureau hier, een evenementenbureau daar. En een handvol oud-bekenden dook op in de podcastwereld, een medium dat laagdrempelig genoeg is om zonder zenderbinding toch een luisterpubliek op te bouwen.

Terug naar de regio

Niet iedereen droomde van een tweede medialeven. Sommige presentatoren trokken na hun actieve televisiecarrière weg uit Brussel of Mechelen en bouwden een rustiger bestaan op in de Vlaamse provincies. Eén naam duikt dan snel op: een Kempense of Oost-Vlaamse gemeente waar iemand een bed-and-breakfast of lokale culturele organisatie runt. Die verhalen bereiken de media zelden, maar ze bestaan.

Dat is misschien het minst spectaculaire maar ook het meest menselijke einde van een mediacurrière: gewoon ergens anders verder leven, zonder dat er een camera bij is.

Vergeten formats die een generatie vormden

Los van de personen zijn er ook de programma’s zelf die je vergeten was tot je ze plots terugziet. Spelletjesprogramma’s met een studiopubliek dat juichte bij elke vraag. Praatprogramma’s op zaterdagmiddag met gasten die je nooit verwacht had. Reisprogramma’s waarbij de presentator nog echt leek te ontdekken wat hij of zij tegenkwam.

Die formats bestaan niet meer, of zijn zo sterk veranderd dat er niets van de originele sfeer overblijft. En het zijn net die formats die een bepaald gevoel van tv-kijken vastlegden: het gevoel dat televisie iets was wat je samen deed, met het gezin of de buren, zonder afstandsbediening te wisselen.

De comeback via sociale media

Een deel van de oud-bekenden vond zijn of haar publiek terug via Instagram of YouTube, volledig buiten de klassieke zenders om. Dat is interessant, want het keert de logica om: vroeger bepaalde de zender wie zichtbaar was. Nu kan iemand met een telefoon en een goed verhaal opnieuw een publiek opbouwen.

Dat publiek is kleiner dan de kijkcijfers van vroeger, maar het is ook trouwer en directer. Wie vroeger honderdduizenden kijkers had op een vrijdagavond, heeft nu misschien tienduizend volgers die actief reageren op elk bericht. Of dat beter is, hangt volledig af van wat je als presentator zoekt.

Wat missen we eigenlijk?

Als je al die namen en gezichten de revue laat passeren, vraag je je af wat je nu precies mist. Is het de persoon zelf? Het format? Of gewoon het gevoel van die tijd, van samen voor de buis zitten zonder dat je vijf andere schermen had om naar te kijken?

Waarschijnlijk een combinatie van de drie. De beste presentatoren gaven je het gevoel dat ze er speciaal voor jou waren, ook al wisten ze niet wie je was. Dat is een talent dat los staat van technologie of format. En misschien is dat ook de reden waarom sommige oud-presentatoren, zelfs buiten de klassieke televisie, nog steeds dat gevoel weten op te roepen. Via een podcast, een Instagram-live of gewoon via een fragment dat iemand opnieuw deelt.

De meeste van deze presentatoren verdwenen niet omdat het misliep, maar simpelweg omdat televisie snel verder gaat. Een groot deel bouwde een volgend hoofdstuk: soms zichtbaar, in theater of radio of eigen projecten, soms heel bewust buiten de schijnwerpers.

Heb je zelf een naam in je hoofd die hier niet tussen staat, dan is een gerichte zoekopdracht vaak genoeg. Het antwoord is vaker interessanter dan je op voorhand zou denken.

Vorige blog

De momenten tussenin: waarom comfort thuis net zo belangrijk is als stijl