Je hoeft heus niet meteen te gaan verbouwen om minder energie te verbruiken. Het zijn vaak de kleine dingen die je makkelijk vergeet, en die op jaarbasis toch het meeste opleveren. Zonder hulp van een vakman, en zonder dat het je meer dan een uurtje van je zaterdag kost. Wij zetten zes dingen op een rijtje die weinig moeite kosten, maar wel echt iets doen voor je factuur.
1. Tochtstrips en kieren dichten
Voel je bij de voordeur of langs je ramen af en toe een koud briesje? Dan verlies je daar warmte die je net zo goed had kunnen houden. Een tochtstrip of een tubetje kit kost een paar euro, en je merkt het verschil zodra het buiten écht koud wordt. Denk trouwens ook aan de brievenbus en het kattenluikje, twee plekken waar warmte stiekem naar buiten glipt, en die iedereen vergeet. Een kwartiertje prutsen op zaterdag, en je bent alweer klaar voor de rest van het weekend.
2. Eén graadje lager
Eén graad lager op de thermostaat kan al snel een paar procent schelen op je stookkosten, en je merkt het amper. Vul aan met een extra dekentje op de bank of gewoon een dikkere trui binnenshuis. Heb je een programmeerbare thermostaat? Zet de temperatuur ’s nachts en overdag, als er niemand thuis is, dan nog wat verder omlaag.
3. Apparaten echt uitzetten
Stand-by lampjes zien er onschuldig uit, maar samen tikken ze toch behoorlijk aan op je verbruik. Een stekkerdoos met schakelaar maakt het makkelijker om alles in één keer echt uit te zetten, in plaats van half aan te laten staan. Denk aan je tv, je spelconsole of de oplader die toch al drie dagen niet gebruikt is. Ook een router of modem hoeft ’s nachts niet per se aan te blijven als je toch slaapt.
4. Slimmer koken
Ook in de keuken valt er winst te halen. Kook je nog op gas of een oudere keramische plaat, dan gaat daar relatief veel warmte verloren die eigenlijk in je pan hoort. Inductie kookplaten verwarmen de pan rechtstreeks, waardoor je sneller klaar bent en minder energie kwijtraakt onderweg. Geen reden om je huidige kookplaat meteen te vervangen, maar wel iets om in gedachten te houden als die toch aan vervanging toe is. En ongeacht welke kookplaat je hebt: een deksel op de pan en het vuur net iets eerder uitzetten, doet altijd wat.
5. Vol is vol
Wasmachine, droogkast en vaatwasser draaien het zuinigst als ze pas aangaan wanneer ze ook echt vol zitten. Twee halfvolle wasjes kosten je uiteindelijk meer dan één volle, en voor het meeste wasgoed is een lager programma toch al ruim voldoende. Scheelt meteen ook op je waterverbruik, en je hebt gewoon minder vaak was te doen. Was je op 30 of 40 graden in plaats van 60, dan merk je dat aan de kwaliteit van je kleren nauwelijks, maar wel op je stroomverbruik.
6. Verlichting die meedenkt
Een simpele, maar vaak vergeten aanpassing: ouderwetse gloeilampen of halogeenspots vervangen door led. Led-verlichting verbruikt tot zo’n acht keer minder stroom voor hetzelfde licht, en gaat bovendien veel langer mee, dus je bent er ook minder vaak mee bezig of aan het vervangen. Zet daarnaast waar mogelijk een bewegingssensor in bijvoorbeeld de gang of het toilet, zodat het licht vanzelf uitgaat als er niemand meer is. Kleine moeite, maar het telt mee op je jaarlijkse verbruik.
Klein beginnen mag ook
Je hoeft niet alles tegelijk aan te pakken. Begin gewoon met wat het makkelijkst is, die tochtstrip of dat ene graadje, en bouw vanaf daar verder. De kleine dingen tellen sneller op dan je zou denken, en na een paar maanden zie je het verschil gewoon terug op je afrekening. Wil je nog dieper graven in je energieverbruik? Lees dan ook ons artikel over je energieverbruik terugdringen, daar staan nog meer kleine ingrepen in met een merkbaar effect.

